Verbouwlieden. In de zin
van bouwvakkers, timmermannen, elektriciens, parketleggers, schilders, stukadoors.
Ik heb ze de laatste tijd
allemaal mogen ontmoeten, aanschouwen, zien bikkelen, koffie drinken, peukie
roken, mee horen zingen op de wie-heeft-deze-teksten-ooit-kunnen-bedenken
smartlappen, naar MIJN wc zien gaan en er iets later dan de duur van een
gemiddeld plasje er weer van terug zien komen...yep, je begrijpt het...
En ja, dat is natuurlijk omdat
ík een verbouwing wilde. Het liefst een verbouwing die dezelfde dag nog klaar
is, maar dat kon niet. Twee maanden verder zijn we nu.
Deze lieden staan ‘s morgens
om HALF 8, wanneer ik dus niet op mijn best ben zowel geestelijk als fysiek,
vrolijk bij de voordeur mij van boven naar onder te bekijken om vervolgens -een
goedemorgen mevrouwtje daar zijn wij weer -grijns op te zetten. Tuurlijk alle respect voor hun heftige job. MAAR NU BEN IK HET ZAT!
Ik erger me geel, groen
en grijs! (nog net geen 50 tinten, maar het scheelt niet veel…)
En dan gaat het niet eens
om de mannen in kwestie met hun grote eh handige handen…
Nee, het gaat om de
voeten met daarom heen leren, zware, hoge schoenen. BOUWVAKKERSSCHOENEN, ja. Die constant, als ik net
de boel weer gezogen en gesopt heb (en niet omdat het mijn hobby is..), naar
binnen komen stampen alsof het hun keet is. Ik heb zelfs een papiertje op de
deur geplakt met: vanwege NIEUWE vloer, schoenen uit a.u.b..Wat denk je: iedereen doet
het, behalve deze lieden.
‘Zeg, zei er één tegen mijn zoon: dat briefje zal
wel niet voor mij bedoeld zijn toch?’
Om vervolgens met een
houtmachine midden op de nieuwe vloer de plinten te gaan zagen…
Maar ik zeg niets, dat
doet mijn lichaamstaal wel. Adem in en weer uit.
Het einde is in zicht dus
ik kan het lijden. Zucht.
En hé, gelukkig is daar Henk.
Mijn lichtje in deze stoffige tijden.
Henk is niet alleen
handig met z'n handjes, maar heeft het woord inlevingsvermogen wél ergens opgeslagen.
Doet zijn schoenen netjes
uit en werkt zonder enig spoor achter te laten
(zelfs na toiletgebruik). Een
genot om in huis te hebben dus.
‘Mevrouw, zegt hij met
z’n leuke blos op z’n wangen, ik werk dit nog even af, en dan is het klaar'! 'O Henk, wil je die zin nog even herhalen?, zeg ik lachend.
Hier heb je eerst nog even een lekker bakje koffie. Ik ben hiernaast, laat
maar weten wanneer je zover bent’.
Maar net als ik een stap
in de kamer zet hoor ik een schreeuw.
Ik ren naar de vernieuwde
ruimte toe en zie Henk op de nieuwe houten vloer liggen midden in een plas
water. Hij kijkt me met een pips gezicht aan en zegt: ‘Mevrouw sorry, ik gleed uit over uw emmer met sop. Ik had het écht niet
zien staan’…
Mijn gezicht is
ondertussen net zo rood als mijn nieuw geschilderde muren.
Zonder aarzeling neem ik
een sprong, beland midden in de plas water vlak voor zijn neus.
Ik probeer me zelf nog te bedwingen maar kan het niet meer tegenhouden. Kwaad bries ik hem toe: ‘Als
jij net zo als al jouw andere bouwliedencollega’s je werkschoenen gewoon AAN
had gehouden, dan was dit hoogstwaarschijnlijk niet gebeurd!!
Dit is namelijk
alles behalve handig, Henkie’!
;-)