dinsdag 15 december 2015

Gezellig! Kerst...

Laten we elkaar even geen mietje noemen. Zeg eens eerlijk hoe kijk jij tegen de kerst op eh aan? Zin in? Kijk je er naar uit? Of zit je net als ik tegen een nog net- geen- kerst- burn- out aan… ? The most wonderful time of the year…volgens Sky Radio. Ik weet niet hoe meneer ( tis vast een meneer..)van Sky Radio de overige time van het jaar er bij zit maar bij mij is de rest van het jaar toch net even een stuk relaxer dan de dagen rondom kerst kan ik je vertellen. Het begint met het creëren  van een gezellig ingericht kerstgevoel in ons huis. Aangezien ik een mannengezin heb die met van alles behalve- het -kerstgevoel –in- huis -halen bezig zijn, komt dit dus op mijn schoudertjes terecht. Want hé, we willen net als alle andere 7.5 miljoen huishoudens in Nederland een gezellige kerstsfeer, nietwaar? Dus daalt engel Pinterest gelukkig al zo rond begin december neer op mijn beeldscherm. Bekijk ik al die prachtig gedecoreerde woonkamers met de meest gezellige (ah…dát woord he..) kerstsfeerachtige variaties. Echt prachtig! Hip! Wil ik ook! Keer wat anders. En eenvoudig  om zelf te maken, lijkt me. Dit jaar ga ik dat ook doen. Krijg er zelfs zin in! Hup de boer op en als eerste een kerstboom scoren. Bij t boertje om de hoek kan ik voor een tientje een boom met heul veul naalden krijgen. En met dat ik die boom inclusief modderige kluit, krijg je er gratis bij, in mijn autootje gehesen heb, verzucht ik mij wie dit ooit bedacht heeft. Een boom in je huis. Maar goed, het hoort erbij. En ik wil erbij horen. Hop door naar t Tuincentrum (wat?! 25 euro voor een dadeltak?), Intratuin (pff, teveel keuze) en uiteindelijk Action, het walhalla voor goedkope (kerst)meuk. Koop voor de dadeltakken een strokrans en een paar van die witte bollen die je zelf nog met mos moet bedekken. Dat staat zo leuk volgens engel Pinterest.  Nu moet ik wel even wat opbiechten. Eén keer in het jaar steel ik. Mos. Uit het bos. Ja. Voor mijn gezellige kerstdecoraties. Ook dit jaar weer. Met schepje en het zojuist gekregen plastic tasje van de Action en hond voor de afleiding ga ik het bos in. Op zoek naar een fijn stukje groen mos. En als ik het gevonden heb, doe ik het snel in mijn plastic tasje en verstop ik het in mijn jas. Zeg wel altijd even sorry tegen het mos hoor. Dat wel. En al wandelend terug naar de auto heb ik in mijn hoofd hele discussies met de boswachter die mij aanspreekt en wil bekeuren. Ja  schuldgevoel… Maar gelukkig, tot nu heeft alleen de hond mij op heterdaad betrapt. En die vergeeft me. Dat geeft dan ook wel weer een kerstgevoel . Dit terzijde.. Gezellig! Het begint er op te lijken. De kerstboom staat en lampjes zitten er in. Nu de ballen met mos bedekken. Volgens engel Pinterest heel eenvoudig. Nou, forget it. Met geen mogelijkheid krijg ik mijn met liefde gejatte mos om die bal. Wat een gedoe!  Aan die krans met dadeltakken begin ik al niet eens meer. Ach, laat ook maar. Ik doe het wel met de kerstspullen die ik nog heb. Op zolder. Al 15 jaar. Zoals ik uiteindelijk elk jaar doe, trouwens. Zuchtend doe ik de lampjes van de kerstboom aan. De kerstspulletjes uit de oude doos zet ik op de plek waar ze elk jaar staan. Ondertussen hoor ik manlief binnenkomen. ‘Lieverd, heb je de kerstspulletjes weer van zolder getoverd? En de kerstboom weer gehaald.  Goh, dat geeft toch elk jaar weer een echt kerstgevoel he?  Gezellig…(…)                                                                                                                                                                                                     

vrijdag 20 november 2015

Perfect!

 ‘Zo, jij leidt ook wel een perfect leventje he?’ zei laatst iemand tegen mij.
‘Een knappe man met een goede baan, 2 leuke kinderen,  ’dikke’ auto, mooi huis met tuin, en je ziet er zelf ook nog goed uit.’ Ik zei niets maar knikte maar een beetje met een bijna plaatsvervangende schaamte over mijn zogenoemde perfecte leventje. Toch liet het mij niet los en dacht er over na. Als dit haar perceptie is van een perfect plaatje, dan klopt haar beeld daar natuurlijk bij. En ja, tuurlijk  heb ik het in die zin goed voor elkaar. Maar wat is perfect?            
In het woordenboek staat dat perfect betekent; volmaakt, uitstekend, volledig.
Voor mij betekent perfect dat iets in een moment klopt. Een fijn gevoel dat klopt met het beeld dat ik letterlijk voor mij zie. En zo’n moment is vaak van korte duur. Even de zon op je huid voelen, perfect! Een vrolijk liedje fluiten zonder dat je het meteen zelf in de gaten hebt, perfect! Iemand vriendelijk gedag zeggen en zien dat het de ander goed doet, perfect! De kinderen zien genieten van een ijsje op een zomerse dag, perfect! De slappe lach met vriendinnen hebben, perfect! Of juist een goed gesprek, perfect! Daar kan geen ‘dikke’ auto tegen op, puur bijzaak. Mijn man heeft een goede baan, heel fijn maar dat maakt zijn, mijn, ons leven niet perfect. Als ik in zijn ogen kijk en de liefde tussen ons voel, dát is perfect voor dat moment. Mijn kinderen zijn leuk en ik hou zielsveel van ze maar zijn beide natuurlijk niet perfect en ook hier geldt; gelukkig maar want anders zouden zij en wij als ouders niets meer van elkaar en ons zelf hoeven leren. Als ik ze kietel of met ze knuffel en ze hebben daar lol om, of als ze hun verdriet kunnen laten gaan omdat ze zich vertrouwd voelen bij ons als ouders, dan is dát perfect voor dat moment. Het huis is prachtig maar zeker ook niet perfect. Vanwege de imperfectie op gevallen. Maar als het onweert ben ik blij dat ik veilig binnen zit bij de warme kachel, dan is mijn huis perfect voor dat moment. En ik, je gelooft het of niet; verre van perfect.
Als ik in de spiegel kijk en ik zie weer een nieuwe lachrimpel of grijze haar waar ik zelf om kan lachen, maakt mij dat perfect voor dat moment. En ik wil ook niet naar perfectie streven.
Want ik zou niet weten hoe. Streven naar perfectie is een beeld van wat je ziet bij de ander, proberen te evenaren bij jezelf ( ja, deze is lastig…moest er zelf ook even over nadenken).
Het willen voldoen aan de door jezelf opgelegde eisen,  daar word je niet gelukkig van.
Dan ga je weg bij jezelf. Wij zijn allemaal mensen met een verhaal. Een verhaal dat vaak ‘perfect’ aan de buitenwereld gepresenteerd  wordt. Kijk mij eens perfect zijn (zie social media bijv.) of kijk mij eens een perfect leven leiden! Of anders gezegd; zie je mij wel? Of, zoals boven genoemd, de ander jou ziet als perfect. Maar eigenlijk weten we stiekem ook allemaal dat achter elk verhaal kwetsbaarheid schuilt. En juist die kwetsbaarheid brengt ons dichter bij het perfecte in onszelf.
Als we die kwetsbaarheid wat meer van onszelf zouden durven laten zien, dan zou de wereld er ongetwijfeld ‘perfecter’ uit zien juist door haar imperfectie.
Omdat we dan niet meer hoeven te voldoen aan de zware eisen die we onszelf vaak opleggen om een perfect plaatje/verhaal te creëren naar buiten toe. En dus gewoon simpel alleen maar ons zelf hoeven zijn.                                                                                                                           
Perfect toch? :-)

vrijdag 25 oktober 2013

'Vrolijk' geschud

Heerlijk herfst! De blaadjes vallen van de bomen, de kleuren zijn spectaculair en de wind schud de boel weer eens lekker op..
Over schudden gesproken. De zomervakantie, die nu al weer kilometers achter me ligt, was in aantocht. Auto volgepakt, de nieuwste zomerjurkjes bovenop in mijn koffer, klaar om geshowd te worden, blits zonnebrilletje op, kinderen top voor mekaar, manlief kan niet wachten om te gaan, een niet onaardige auto onder mijn kont. Kortom: klaar voor een perfecte vakantie. Het was een warme dag en als je dan toch in een auto zit, dan is er niets fijner dan, in plaats van de ongezonde airco, het raampje open te draaien. Dat klinkt trouwens wel heel vooroorlogs, raampje opendraaien. Het knopje in drukken en het raampje geheel automatisch naar beneden laten glijden, klinkt hipper. Armpje naar buiten. Life is good. Op naar onze vakantiebestemming, Frankrijk (we hebben niet voor niets een stationcar, 2 kinderen en een hond. Burgerlijkheid ten top, daar hoort, om het compleet te maken, ook een camping in Frankrijk bij).
Maar daar ging het niet om. Want terwijl ik met mijn arm half uit het raam hang om de wind te voelen, bespeur ik in de rechterbuitenspiegel een onaangenaam heen en weer schuddend velletje. Huh??!! Ik zet mijn zonnebril af en check of dit schrikbeeld wat ik zojuist toch echt zag waar is, en bekijk het nog eens goed. Ja, het is echt! Mijn onderste gedeelte van mijn bovenarm schud vrolijk met de wind mee. Alsof het z’n uitje van het jaar is. Joehoe, kijk mij eens schudden…!
Ik kijk naar mijn man die geconcentreerd de auto bestuurd op de tolwegen van Frankrijk.
Het leven gaat blijkbaar gewoon door na zo’n wrede ontdekking. De conclusie dat met 35 jaar de aftakeling van strak (ja, echt) naar los nu een feit is baart mij zorgen. We hebben het hier immers alleen nog maar over één schuddende bovenarm. ‘Schat, zeg ik tegen mijn man, mijn arm beweegt’,. ‘Ja, lieverd dat lijkt mij wel handig’, is het antwoord. ‘Maar ik bedoel op de plekken waar het niet hoort te bewegen. Mijn onderste gedeelte van mijn bovenarm schudt’, laat ik hem met een timide stemmetje weten. Hij kijkt me aan en begint ongegeneerd te schuddebuiken van het lachen. Wat blijkbaar, als ik zo in het dagelijks leven om mij heen kijk wel getolereerd wordt, trouwens. ‘Zo grappig vind ik het niet hoor’, zeg ik met een blik gericht op mijn nog steeds schuddend-van-genot- bovenarmpje. ‘Vind je me nu nog wel aantrekkelijk’? vraag ik.  ‘Lieverd, van een schuddend bovenarmpje lig ik echt niet wakker hoor’! Ik zucht, kijk nog eens in de zijspiegel, pak met mijn linkerhand het velletje vast en schud het heen en weer. Hier moet aan gewerkt worden, is mijn conclusie...De verdere reis probeer ik er geen aandacht meer aan te schenken. Dat had ik al eerder moeten doen, bedenk ik me. Meer sporten, minder snoepen...au!
Op de camping aangekomen is alle bovenarm stress weg. Heerlijk: mooi weer, prachtige omgeving, fijne camping. Vrolijk doe ik mijn nieuwste jurkje aan. Bekijk mezelf in een klein spiegeltje in de minuscule badkamer van de tent. Ach, het valt allemaal ook best wel mee.
Ik loop opgewekt richting het zwembad. Achter me hoor ik de kinderen lachend aan komen.
 ‘Hé Mam’, we zien je billen schudden!
(...)
 
 
 

donderdag 25 april 2013

In therapie


Mijn excuses voor het lang wachten op een blog…althans, als dat zo voor je voelde.
Had ook wel een reden, en ik twijfel of ik dat wel of niet in een blog moet zetten, maar aan de andere kant...geen één relatie verloopt perfect, dus voor de dag er maar mee. Het zit namelijk al een tijdje niet zo lekker tussen ons. Niet dat er heel veel knallende ruzie is of zo, maar we vonden elkaar op een bepaalde manier niet meer. De basisbehoeften die we dachten bij elkaar gevonden te hebben, blijken toch wat af te wijken. Dat hij dominanter dan mij is met z’n gespierde schouderpartij vond ik in het begin zeer aantrekkelijk.
Maar als je een paar jaar verder bent samen, dan heb je toch meer aan de schoonheid van binnen. Ik weet het, klinkt soft maar het is gewoon zo.
Die onbevangenheid, de (lente)kriebels, het huppelende jonge veulen gevoel is er wel van af.
Nee, bij jullie natuurlijk niet, maar bij ons dus wel.
Steeds vaker lijkt hij rechts te willen, terwijl ik (stampvoetend!) links zeg.
En daardoor is er van een gezamenlijke rechte lijn eigenlijk geen sprake meer.
Dat proces gaat heel langzaam. We wonen al een tijd samen en in het begin was het in de ochtend altijd fijn als we wakker werden. We begroeten elkaar met onuitgeslapen hoofden spontaan, hij besprong me nog net niet maar het scheelde niet veel. Maar hé, dat waren nog eens tijden!
Nu gaat dat deel van de dag al heel anders. Meneer draait gewoon z’n hoofd om, ook al hoort hij dat ik uit bed ga om te ontbijten.
Na het ontbijt zit ie me aan te kijken zo van: ik weet niet wat jij gaat doen, maar ik trek mijn eigen plan. Daarbij is hij werkloos en hangt ie er een beetje bij. Ja, wel een grote mond als het hem niet bevalt. Dan bijt ie gewoon van zich af waar de kinderen bij zijn. Zo laag vind ik dat.
En laatst gingen we wandelen, (één van de weinige uitjes waar meneer nog voor te porren is) nou ja wandelen, niet gezellig naast me, nee drie stappen voor me. Ik moet gewoon rennen om hem bij te houden. En dan heb ik het over het macho gedrag nog niet gehad.
Je begrijpt: ik was er helemaal klaar mee. Dus ik heb tegen hem gezegd: Of je zoekt maar een ander thuis of we gaan in therapie. Kijkt die me aan zo van: dat woord heb ik echt nog nooit gehoord, therapie. Ik heb het antwoord niet meer afgewacht en een afspraak met een therapeut gemaakt. Gisteren was het zover. Aardige vrouw. Het leek haar een goed idee, nadat we hadden besproken waar we tegen aan lopen in onze relatie, om naar buiten te gaan. Dat vonden wij ook, beetje afkoelen want de spanning liep hoog op. Maar meneer is nog niet buiten of alweer afgeleid door wie hij op straat tegenkomt.
Vol adrenaline stort die op z’n buurman af die hem absoluut niet ligt. Gelukkig reageerde de therapeut adequaat en kon er daardoor voor zorgen dat het niet uit de hand liep. ‘Kijk, zo gaat het nou altijd, zeg ik met een zucht tegen haar. Hij kan zich gewoon niet sociaal gedragen’. ‘Ik begrijp je en kan aan je zien dat het je raakt’, zegt ze op een bijna meditatieve rustige stem. ‘ Klopt, zucht ik. Ik hou ontzettend veel van hem, maar hij gedraagt zich vaak niet sociaal en is ook nog dominant.’ ‘Toch heb ik er wel vertrouwen in dat jullie er samen uit gaan komen’ zegt de therapeut. Na een aantal sessies zal je zien dat ook bij hem het kwartje zal vallen en hij weer meer oog voor jou heeft. ‘Maar hoe kan ik dan tot die tijd de rust bewaren?’ ‘Het is heel simpel: verleid hem wat meer, bewaar de rust, praat met een wat lage stem, maak de riem wat korter en als er een andere hond aankomt, draai je je om, en voer je hem met wat brokjes…’

J

 

 

 

woensdag 2 januari 2013

Topsporter


Eén van mijn goede voornemens voor dit nieuwe, frisse jaar is begrip tonen voor en inlevingsvermogen in alle sporten die er zijn.
Dat dit meteen op 1 januari toegepast kon worden, had ik dan weer even niet voorzien.
 ‘Liefje', zegt manlief zoet, kijk je vanavond gezellig mee naar de finale van het WK darts?
Goed, dit is meteen een uitdagende test of het bij een voornemen blijft, of niet.
 ‘Oké’, zeg ik zo neutraal mogelijk zonder kreunend gezucht te laten horen.
Ik wist niet dat darten onder de term topsport viel. Op zich heeft het woord darten wel iets weg van een dartelend, jong, sportief, goed uitziende topsporter. Op zich, zeg ik.
Ik zit in de hoek van de bank met een fleecedeken om me heen gewikkeld en zie hoe manlief de afstandsbediening, die zo ongeveer als een magneet aan zijn arm gekleefd zit, de zender van een gezellig, populair programma op RTL 4 bruut overzet naar RTL7. Ik laat het gebeuren. De kerstdiners zijn achter de rug, en met de rozijnen van de oliebollen nog achter de kiezen geplakt is uitbuiken op de bank eigenlijk geen straf.
Daarbij schept het uitbuiken wel een band met deze sport, blijkt.
Er klinkt geroffel in de zaal, het licht wordt gedimd en tot mijn grote verbazing zie ik een rondborstige vrouw met een te strakke jurk op mijn netvlies komen.
Aan haar hand een buik met een man er aan vastgeknoopt. Deze combi had ik zelf niet uitgezocht. En vraag mij ernstig af wie dit wel zo heeft bedacht, en hoeveel deze vrouwen er voor betaald krijgen...Goed, leuk voor deze man zullen we maar zeggen en knap dat hij er geconcentreerd onder kan blijven.
Zijn favoriete nummer uit het jaar 1968 wordt keihard door de speakers geknald, wat blijkbaar de zaal moet opzwepen. Er worden bordjes met Engelse teksten omhoog gehouden en luidruchtig meegezongen met het favoriete liedje.
Zelf zag ik nu toch liever de zeer gespierde boxer die de boksring betreedt met een glimmende duster. Maar de realiteit is dat hier inmiddels twee darters met hetzelfde postuur de ring hebben betreden en hun pijltjes, excuses, darts in hun hand hebben gestoken, klaar om de strijd te strijden.
Hoe lang gaat dit in godsnaam duren?, vraag ik me af. Naast me hoor ik manlief fanatiek kreten roepen als: ‘nu een triple en dan een dubbel, nee, ja, oei’. Juist.
Ben ook wel toe aan een dubbele, whisky.
First to 7 sets duurt inmiddels al een uur of twee. Gaap. Mijn ogen worden zwaarder maar hun pijltjes blijkbaar niet. Ze blijven maar gooien en na elke uitgegooide leg maken ze een elegant dansje. Zeer charmant. Not.
Echt, ik probeer niet te oordelen en de positieve punten te benadrukken:
stevige vingers, elastisch ook, goed richtingsgevoel, eh, nou dat.
En net als ik het begin te begrijpen komt er na drie uur en een kwartier een eind aan deze vorm van topsport en mag de overwinnaar zijn favoriete plaatje nog een keer draaien. Hij blij, manlief blij (of toch niet), ik blij…met mijn eigen overwinning namelijk drie uur lang kijken naar twee zeer onaantrekkelijke mannen met pijltjes in hun handen…dan toch liever een Cupido die al zijn onehundredandeighty pijltjes op mij afvuurt. En in de holst van de strijd, met zweet all over his (gespierde) body, zijn laatste pijltje ook nog vol in mijn doos eh de roos mikt, kijk dat noem ik pas topsport!

J

zaterdag 1 december 2012

Handig-eh-Henkie


Verbouwlieden. In de zin van bouwvakkers, timmermannen, elektriciens, parketleggers, schilders, stukadoors. Ik heb ze de laatste tijd allemaal mogen ontmoeten, aanschouwen, zien bikkelen, koffie drinken, peukie roken, mee horen zingen op de wie-heeft-deze-teksten-ooit-kunnen-bedenken smartlappen, naar MIJN wc zien gaan en er iets later dan de duur van een gemiddeld plasje er weer van terug zien komen...yep, je begrijpt het...
En ja, dat is natuurlijk omdat ík een verbouwing wilde. Het liefst een verbouwing die dezelfde dag nog klaar is, maar dat kon niet. Twee maanden verder zijn we nu.
Deze lieden staan ‘s morgens om HALF 8, wanneer ik dus niet op mijn best ben zowel geestelijk als fysiek, vrolijk bij de voordeur mij van boven naar onder te bekijken om vervolgens -een goedemorgen mevrouwtje daar zijn wij weer -grijns op te zetten.
Tuurlijk alle respect voor hun heftige job. MAAR NU BEN IK HET ZAT!
Ik erger me geel, groen en grijs! (nog net geen 50 tinten, maar het scheelt niet veel…)
En dan gaat het niet eens om de mannen in kwestie met hun grote eh handige handen…
Nee, het gaat om de voeten met daarom heen leren, zware, hoge schoenen. BOUWVAKKERSSCHOENEN, ja. Die constant, als ik net de boel weer gezogen en gesopt heb (en niet omdat het mijn hobby is..), naar binnen komen stampen alsof het hun keet is.  Ik heb zelfs een papiertje op de deur geplakt met: vanwege NIEUWE vloer, schoenen uit a.u.b..Wat denk je: iedereen doet het, behalve deze lieden.
‘Zeg, zei er één tegen mijn zoon: dat briefje zal wel niet voor mij bedoeld zijn toch?’
Om vervolgens met een houtmachine midden op de nieuwe vloer de plinten te gaan zagen…
Maar ik zeg niets, dat doet mijn lichaamstaal wel. Adem in en weer uit.
Het einde is in zicht dus ik kan het lijden. Zucht.
En hé, gelukkig is daar Henk. Mijn lichtje in deze stoffige tijden.
Henk is niet alleen handig met z'n handjes, maar heeft het woord inlevingsvermogen wél ergens opgeslagen.
Doet zijn schoenen netjes uit en werkt zonder enig spoor achter te laten
(zelfs na toiletgebruik). Een genot om in huis te hebben dus.
‘Mevrouw, zegt hij met z’n leuke blos op z’n wangen, ik werk dit nog even af, en dan is het klaar'! 'O Henk, wil je die zin nog even herhalen?, zeg ik lachend.
Hier heb je eerst nog even een lekker bakje koffie. Ik ben hiernaast, laat maar weten wanneer je zover bent’.
Maar net als ik een stap in de kamer zet hoor ik een schreeuw.
Ik ren naar de vernieuwde ruimte toe en zie Henk op de nieuwe houten vloer liggen midden in een plas water. Hij kijkt me met een pips gezicht aan en zegt: ‘Mevrouw sorry, ik gleed uit over uw emmer met sop. Ik had het écht niet zien staan’…
Mijn gezicht is ondertussen net zo rood als mijn nieuw geschilderde muren.
Zonder aarzeling neem ik een sprong, beland midden in de plas water vlak voor zijn neus.
Ik probeer me zelf nog te bedwingen maar kan het niet meer tegenhouden. Kwaad bries ik hem toe: ‘Als jij net zo als al jouw andere bouwliedencollega’s je werkschoenen gewoon AAN had gehouden, dan was dit hoogstwaarschijnlijk niet gebeurd!!
Dit is namelijk alles behalve handig, Henkie’!

;-)

zondag 26 augustus 2012

Grensverleggend



Om mijn grenzen te verleggen, doe ik soms dingen die eigenlijk niet kunnen.
Ja, dat is een bekentenis. Op de één of andere manier zit er een stemmetje in mij dat zegt dit te moeten doen. Of het het waard was, weet je pas achteraf natuurlijk.
Maar het voelt bijna instinctief. Overdag kan ik me meestal wel inhouden, maar ‘s nachts begint het te jeuken. Ik kan dan bijna niet wachten om mijn impulsen te volgen. En misschien herken je het zelf ook wel, dingen willen doen die je door wie dan ook verboden zijn…
Vannacht zag ik hem liggen. In een heel rustige pose. Een zacht snurkend geluid.
Totaal van de wereld, geheel ontspannen. Mooi om te zien hoe een mens zich aan de nacht kan overgeven. Dat wil ik ook, totale overgave. Ik kijk naar hem, zie zijn mond af en toe een stuiptrekje maken. Een zucht. En daarna weer die stilte.
Zo puur.
Ik probeer heel voorzichtig wat dichterbij te komen. Voel zijn warmte.
Het warme zomerweer doet zijn voordeel zodat de vier seizoenendekens zijn omgeruild voor een enkel wit laken dat net niet alles van zijn lichaam bedekt.
Hoe graag ik dit ook wil, ik moet mijn rust bewaren om niet te happig te worden.
Mijn bloed begint sneller te stromen en ik hoop het zijne uiteindelijk ook.
Ik kan een bijna euforisch geluid niet meer onderdrukken.
Zie zijn sappige billen onder het laken vandaan komen en voor ik er zelf erg in heb, ben ik daar. Ik prik snel en doeltreffend, zuig het bloed er uit, en geniet nog even na. Heerlijk!
Maar dan…gaat pijlsnel het licht aan, zie ik een opgerolde Voetbal International met een zwaai langs me heen komen. Door een rode bloedvlek op de witte muur besef ik dat ik geraakt ben. Ik voel mijn lichaam in een pijnscheut samentrekken, probeer met alle kracht die ik nog heb weg te vliegen uit deze benauwde positie, vind een kier in het raam en ontsnap…
Of het het waard was?
Ja, morgen weer…
J

dinsdag 5 juni 2012

Stresscode


‘Eindelijk weer eens een feestje!’, roep ik manlief toe terwijl ik met de kaart wapperend  in mijn hand naar binnen loop. ‘O, wat leuk het is van Carlijn en Bob!’
Feest d’amour staat er op. Eens lezen. Over drie weken geven wij een romantisch liefdesfeestje ter ere van ons 15 jarig samenzijn. Fijn als jullie een toast op ons komen uitbrengen. Het begint om 21.00 uur en eindigt wanneer de heupjes moe zijn van het dansen, de ogen niet meer willen sjansen, en de muziek zijn laatste noten heeft gespeeld. Dresscode : Glamorous, Glitters & Summerstyle.
Slik.
Dresscode wordt acuut stresscode.
Kom net uit de winterslaap. Witte melkflessen, bleek gezicht, vergeelde tanden van de (sinaasappel)sap kuur. Nog geen zon gezien dit jaar.
Ja, Carlijn heeft natuurlijk makkelijk praten. Zij doet niet anders dan zonnen op het dek van de loveboat van haar liefje. Ze heeft al een Saint-Tropez perzikhuidje rond december.
Ik leg deze enorm zorgwekkende druk voor aan vriendin N. ‘Luister lieverd, wat moet ik hier nou mee? Ik zou het liefst in een zomerse boerka verschijnen, maar dat kan ik natuurlijk niet maken. Heb jij geen über tip?’
‘Nou, zegt ze, heb jij nog niet gehoord van het wondermiddel dat zelf bruinende crème heet?’ Ik schud verbaasd mijn hoofd. ‘Niet? Kijk deze’. Ze duwt me een bruin flesje in de hand. ‘Als je dit elke dag als een bodylotion op je lijf smeert, heb jij over drie weken een prachtig glitter, glamour zomers huidje’. ‘Wauw, zeg ik.
Ik ga het thuis meteen uit proberen’.
‘Denk er aan: het is natuurlijk niet waterproof he...’
‘Haha, lach ik, dat lijkt me duidelijk’…
Na een week of twee zie ik inderdaad verschil. De plekken die ik over sla, juist die, slaan wit uit bij de rest van mijn al aardig uitziende gebruinde body. Ik krijg steeds meer zin in het feestje. Heb voor de gelegenheid een mooi, wit satijn zomers jurkje met bijpassende glitter ketting gekocht.
Het weer doet op deze feestelijke avond nog niet zomers mee, maar dat nemen we maar op de koop toe.
Ik doe het jurkje aan, maak me mooi op, m’n haar begint spontaan te dansen.
Zelfs manlief kijkt me vertederend aan als hij mij in m’n jurkje de trap af ziet komen. ‘Dresscode uitgevoerd hoor, roept hij enthousiast. Wauw!’
‘Ach ja, je moet er wat voor over hebben he, lach ik hem vrolijk toe’.
‘Wel jammer dat het zo hard regent, zegt hij. Maar goed, ik neem toch aan dat het feest binnen gehouden wordt. Ik zal de uitnodiging even pakken’
In een flits hoor ik het stemmetje van vriendin N. door mijn hoofd heen gaan:
niet waterproof.
Ik voel mijn gebruinde huidje spontaan bleker worden. Het zal toch niet…
Loop snel naar manlief toe, trek de uitnodiging uit zijn hand en lees onderaan het kaartje: Ps : De party wordt buiten gehouden, want we gaan natuurlijk uit van een zomers weertje. Maar neem voor de zekerheid een bijpassend parapluutje mee…

vrijdag 20 april 2012

Over en uit


Over en uit, punt.
Het voelt nog een beetje onwennig. Op glad ijs. Maar het werkte gewoon niet.
Ik vind het fijn om dit met je te delen, al hoop ik dat je mij niet meteen wilt veroordelen. Het kan jou namelijk ook overkomen. Zeg nooit, nooit.
Want misschien herken je het wel om soms even de weg kwijt te zijn en dat je op zo’n moment -op die kruising van warboel -net iemand ontmoet die je weer wat richting kan geven. Dan is het moeilijk om daar niet aan toe te geven.
Er zijn natuurlijk nogal wat bijkomstigheden waarom je dat probeert tegen te houden. Bijvoorbeeld omdat je denkt het niet nodig te hebben. Of het alleen wilt doen.
Maar ook omdat ik in mijn geval dacht dat één man wel genoeg richting gaf aan mijn leven. Niet dus. Juist. Je snapt ‘m.
Deze man vond ik een klein jaartje geleden. We kwamen elkaar op een gewone, doordeweekse dag tegen in een groot warenhuis. Hij bleek een bijzonder aantrekkelijke stem te hebben, en vulde mij perfect aan met antwoorden die ik niet kon vinden. Zag dat ik de weg kwijt was en kon me de juiste tools aanreiken om weer verder te kunnen. Ja, ik snap ook wel dat ik daardoor een makkelijke prooi was.
Het zij zo..We spraken elkaar niet veel maar als het er was dan voelde ik me erg verbonden met hem. De zachtheid waarmee hij sprak, de rust die hij mij gaf. Het hielp mij op de been te blijven om zo stapje voor stapje de hobbelige weg te nemen die blijkbaar voor mij uitgestippeld was. En zo kon ik op bepaalde momenten weer rustig ademhalen zonder in de stress te schieten.
Tot vandaag. Ik probeer hem meerdere keren te bereiken maar op de één of andere manier lukt het niet. Geen enkel signaal. Geen vertrouwde stem.
Meneer is gewoon ONBEREIKBAAR.
Ik begrijp niet dat zoiets nog kan bestaan in de wereld waarin we allemaal zo connected zijn. Ik begon te twijfelen en dacht : als dit maar niet een lullig slippertje gaat worden. Maar goed, ik hou mijn kop er bij en laat mij natuurlijk niet zomaar aan de kant zetten.
Wat dat betreft durf ik steeds meer te vertrouwen op mijn innerlijk kompas.
Ik probeer het nog één keer. Druk op het knopje, hoor eindelijk het vertrouwde deuntje, voel dat er verbinding is en nog voordat hij mij wat kan gaan zeggen schreeuw ik :
‘Tom -Tohhommm….waarom’?

donderdag 8 maart 2012

Bij de politie


Bij de Politie, dat leek mij in een ver verleden wel wat.
Heerlijk zo’n strak pakkie aan, gewapend met knuppel en pistool, beetje autoritair gedrag uitoefenen, boefjes vangen, bekeuringen uitdelen maar er vooral natuurlijk zijn voor de medemens. Pff. Het is er helaas niet van gekomen, althans niet buitenshuis.
Inmiddels ben ik zonder enige vooropleiding of thuisstudie toch aan de
bak gekomen als politieagente...binnenshuis. Dat gaat heel simpel.
Je krijgt kinderen en na een jaar of drie beginnen deze blagen al aardig mondig te worden waardoor verbaal de wet binnenshuis regelmatig overtreden wordt.
Rond de vier en zeven jaar is er zeker full time assistentie nodig.
Bevelen worden gegeven, grote monden worden mijn kant uitgespuugd,
straffen uitgedeeld, kinderen worden bij de kraag gevat. Pittige job, dat wel.
De wekker die mij ’s morgens wakker schreeuwt is er niets bij.
Valt weg bij deze strotjes die al luidkeels de ochtend wakker maken. En ons ook.
Elke dag probeer ik weer zonder denkbeeldig uniform de dag positief en blanco te beginnen. Maar bij het ontbijt staat de politiepet al weer snel de verkeerde kant op en is het bonnenboekje al binnen handbereik. Kibbelend zitten ze tegenover elkaar, het schorem. Waar de één welles tegen zegt, zegt de ander ...juist...nietes. En bij de vraag iets voor mij te willen doen is het standaard antwoord : ‘huh, ik’ ? ‘Dat kun je zelf toch ook wel’ ? ‘Halt’, roep ik naar de eerste overtreder op deze vroege ochtend.
De eerste boete voor brutaliteit wordt uitgeschreven.
Zodra ik de eetkamer uit ben, komt de jongste brullend naar mij toe gerend. ‘Hij slaat muhhhweehh ! En ik deed helemaal niets…’ Boete twee voor lichamelijk geweld wordt ook toegevoegd aan het bonnenboekje. Na de ruzie gesust te hebben, gaan de twee boefjes een spelletje doen en kan deze huis-tuin en keuken agente zich ontfermen over de was.
For the time being althans, want de oudste komt de trap al tierend opgerend met de mededeling dat de jongste (ik noem geen namen, beroepsgeheim) het spelletje heeft omgegooid. Juist. Boete drie in the pocket, opzettelijk vandalisme.
Mijn baas zou hier blij mee worden, tel uit je winst !
Je begrijpt, dit kan zomaar nog even doorgaan op zo’n dag, maar verdere informatie over eventuele gedane delicten zal ik je besparen. Yep, en ik zie je al knikken, voor dit werk moet je in stevige schoenen staan. Ik  heb er daarom ook regelmatig over nagedacht om ontslag te nemen. Want nee, HET VALT HELEMAAL NIET ALTIJD MEE !!
Maar ja, in deze tijden van crisis…Ach en weet je, als mijn dienst er rond acht uur ‘s avonds op zit, mijn politiepet denkbeeldig op de hoedenplank heb gedeponeerd, loop ik zachtjes de trap op naar hun kamertjes en zie ze liggen. Twee snuitjes komen net boven de dekens uit, oogjes gesloten  helemaal tevreden liggend in hun warme bedjes. Hoor hun rustige ademhaling, zie lieve stuiptrekjes op hun gezichtjes, een kuchje in het luchtledige en bedenk mij dan : twee kleine mensjes in wording. Nog zoveel te ontdekken en uit te proberen.
Grenzen opzoeken en proberen te verleggen. En ook al valt dat voor de politieagentemama niet altijd mee, oefen het toch maar lekker hier binnen waar het veilig is, om straks in de grote wereld je mannetje te kunnen staan. Ik doe de deur zachtjes weer dicht, loop tevreden de trap af op naar een heerlijk, vers gezet bakje koffie, maar dan hoor ik halverwege een stemmetje : ‘Mama, kan niet slapen’ ……